>> quiz Lente button
J.P. Thijsse, Lente (6e facsimiledruk; Utrecht 1997).
“En de madeliefjes (24) verheffen zich op hooger stelen. In den winter zijn ze altijd eenvoudig wit met geel, flets geel en slap wit. Maar nu ‘t lente wordt hebben ze warmer tinten van noode, het geel wordt dieper en nadert tot oranje en de randbloempjes krijgen een tipje rood. Hoe helderder voorjaarsweer, des te meer madeliefjes met roode randjes.”
“Tegelijk met de blauwe eereprijsjes komt op droge plekken van de wei de triomf van de madeliefjes, die er werkelijk in slagen, om heele velden wit te kleuren.”
Vindplaats: my maps






