
“In de donkere ruimte vertoont zich een donkere knop; dat blijft zoo een paar dagen en dan is opeens de donkere knop een groote witte ster geworden met een gouden hart en al die bruine bladeren zijn vroolijk groen geworden. En overal zoover het oog reikt in sloot en plas blinken de witte sterren van de witte waterlelies.”
De Waterlelie
Ik heb de witte water lelie lief,
daar die zo blank is en zo stil haar kroon
uitplooit in ‘t licht.
Rijzend uit donker-koelen vijvergrond,
heeft zij het licht gevonden en ontsloot
toen blij het gouden hart.
Nu rust zij peinzend op het watervlak
en wenst niet meer…
Frederik van Eeden






