Shelly frankenstein
Home » cultuuruiting » kunsten & vormgeving » europa » Frankenstein, or the modern Prometheus, Mary Shelly (1818)

Frankenstein, or the modern Prometheus, Mary Shelly (1818)

De Roman van Mary Shelley en de Culturele Impact

De roman “Frankenstein, or the Modern Prometheus” uit 1818, geschreven door de Engelse schrijfster Mary Shelley, is een fundamenteel Europees griezelverhaal. De bronnen benadrukken dat dit werk gezien wordt als een vroeg sciencefiction- dan wel horrorverhaal.

Over de roman:

  • De roman vertelt het verhaal van Victor Frankenstein, een wetenschapper die een levend wezen schept uit dood materiaal – het Frankenstein’s monster – met desastreuze gevolgen.
  • Shelley schreef het op 19-jarige leeftijd, geïnspireerd tijdens een verblijf in Zwitserland waar spookverhalen werden uitgewisseld.
  • De roman werd in de romantische traditie geschreven, maar bevatte al vooruitwijzingen naar ethische kwesties rondom wetenschap en schepping.
  • De setting is deels in Zwitserland en Duitsland, en Shelley haalde inspiratie uit discussies over galvanisme (ontdekkingen van de Italiaan Galvani), wat wijst op een pan-Europese intellectuele context.

Thematiek en Culturele Betekenis:

  • Frankenstein is diep in onze cultuur doorgedrongen en staat aan de wieg van zowel de horror- als de sciencefictiongenres.
  • Het centrale thema is de hubristische mens die voor God speelt. De figuur van het Monster groeide uit tot een universeel symbool voor de gevaren van ongebreidelde wetenschap en het ethische isolement van het schepsel.
  • Abstracte motieven die in kunstwerken bepalend kunnen zijn voor het verhaal zijn onder meer hybris en wraak/vergelding, welke sterk resoneren met het verhaal van Victor Frankenstein en zijn creatie.
  • Het Monster dat buitengesloten wordt en wraak neemt, kan ook gelezen worden als commentaar op de industriële revolutie en de eenzaamheid van de moderne mens.
  • Samen met Bram Stokers Dracula (het sub-icoon) vormt Shelley’s roman de basis van de gotische traditie in Europa, die het bovennatuurlijke en griezelige verkent.

Latere Verfilmingen en Adaptaties:

  • De bron vermeldt expliciet dat het verhaal van Frankenstein heeft geleid tot talloze theaterstukken en films.
  • De eerste film die op de roman gebaseerd was, verscheen al in 1910.
  • De constante aanwezigheid in adaptaties, zoals theaterstukken en films, evenals in wetenschappelijke debatten (waar men spreekt over “Frankensteinproblemen”), heeft de status van Frankenstein als cultureel icoon verder versterkt

  • De universele verbeeldingskracht van het Monster zorgt ervoor dat elke cultuur zijn eigen adaptaties heeft, van Tsjechië tot Rusland.

Van Kenneth Branagh, geproduceerd door Francis Ford Coppola met Robert de Niro

Kortom, Frankenstein is een cultureel erfgoedverhaal over menselijke angst en ambitie, dat Europeanen delen en dat door de eeuwen heen in ontelbare vormen is doorgegeven. De roman wordt geclassificeerd onder de Literaire kunsten en de latere verfilmingen onder de Podiumkunsten (Film).

Ja, dat kan. Ik vat het op in soorten symboliek, ruwweg in chronologische lijnen van de 19e naar de 20e eeuw. Het gaat specifiek om de daad van het scheppen van het monster.

1. 19e eeuw: wetenschap, godslastering en grensoverschrijding

a. “Playing God” – blasfemie en hybris

In de 19e eeuw werd Victor vooral gelezen als:

  • een moderne Prometheus: hij steelt het vuur (levenskracht) van de goden;
  • een waarschuwing tegen hybris: de mens die denkt goddelijke macht te kunnen overnemen.

Symboliek van het scheppen:

  • overtreden van een goddelijke orde: leven scheppen is voorbehouden aan God/natuur;
  • de “straf” (het monster) als consequentie van die overtreding.

b. Angst voor moderne wetenschap & galvanisme

Vroeg-19e-eeuwse lezers herkenden actuele experimenten:

  • galvanisme (elektrische prikkels op dode dieren/mensen);
  • dissecties, anatomische theaters, ontluikende medische wetenschap.

Scheppen = symbool voor:

  • angst dat de nieuwe wetenschap grenzen overschrijdt (leven/dood, lichaam/ziel);
  • onvoorspelbare gevolgen van technologische vooruitgang.

c. Industrialisatie & ontmenselijking

Met de industriële revolutie in volle gang werd het monster ook verbonden met:

  • de anonieme massa van arbeiders;
  • de fragmentatie van arbeid (mens als “onderdeel” van machine).

Scheppen = symbool voor:

  • de bourgeois-wetenschapper die een wezen/massa creëert die hij niet meer beheerst;
  • de angst dat de door de mens gecreëerde “krachten” (industrie, massa) zich tegen hem keren.

2. Late 19e eeuw: degeneratie, rassenleer en het “monsterlijke lichaam”

d. Degeneratie en criminologie

In het fin de siècle werd het monster ook gelezen via:

  • degeneratietheorieën (Lombroso e.d.);
  • ideeën over aangeboren criminaliteit, erfelijke “ontaarding”.

Scheppen = symbool voor:

  • het manipuleren van “decadente” of “lage” lichamen;
  • angst dat de mens een degenererend ras creëert of zichzelf verzwakt door onnatuurlijke ingrepen.

e. Ras en kolonialisme (vroeg postkoloniale lezing)

Hoewel Shelley zelf daar niet expliciet op mikt, leggen latere 19e- en vroege 20e-eeuwse lezers al verbanden met:

  • de figuur van de “primitieve Ander”;
  • de exotische of gekoloniseerde ander, gezien als bedreigend en minderwaardig.

Scheppen = symbool voor:

  • het voortbrengen van een “anders ras” dat buiten de norm valt;
  • de angst dat de “gecreëerde Ander” terugkomt om wraak te nemen op de maker/kolonisator.

3. 20e eeuw: psychologisch, existentie, identiteit

f. Psychoanalytische symboliek (Freudiaans / Lacaniaans)

In de 20e eeuw komt de psychoanalyse op, en daarmee lezingen waarin:

  • Victor de bewuste ik verbeeldt;
  • het monster staat voor het onderdrukte, verdrongen deel van de psyche (het “Unheimliche”).

Scheppen = symbool voor:

  • het materialiseren van verdrongen wensen, agressie, schuld of verboden verlangens;
  • het moment waarop het verdrongene lichamelijke vorm krijgt en terugkeert als bedreiging.

g. Ouders, kinderen en mislukte “geboorte”

Er komen ook psychologisch-familiale lezingen:

Scheppen = symbool voor:

  • een mislukte of afwijzende ouder-kind-relatie: Victor “baart” een kind en verwerpt het direct;
  • angst voor ouderschap, verantwoordelijkheid, erfelijkheid (“wat voor kind breng ik voort?”);
  • moederloosheid: leven scheppen zonder moeder als ontwrichting van natuurlijke en emotionele orde.

4. Feministische en gender-lezingen (20e eeuw)

h. Uitsluiting van het vrouwelijke lichaam

Feministische critici lezen het scheppen van het monster als:

Scheppen = symbool voor:

  • een mannelijke toe-eigening van voortplanting: de man wil zonder vrouw leven scheppen;
  • angst én verlangen om het vrouwelijke lichaam te elimineren uit macht over leven en dood;
  • de patriarchale fantasie dat mannen “beter” kunnen creëren dan vrouwen (kunstmatige vs. natuurlijke geboorte).

i. Queer / homoseksuele symboliek

20e-eeuwse queer-theoretische lezingen (zoals ik eerder schetste) zien:

Scheppen = symbool voor:

  • een vorm van mannelijke-mannelijke voortplanting (man creëert man, buiten vrouwen om);
  • een gecodeerd verhaal over verboden mannelijk verlangen, schaamte en zelfhaat;
  • het monster als queer outsider, het gecreëerde “ongewenste” resultaat van een verlangen dat niet benoemd mag worden.

5. Marxistische, sociale en politieke symboliek

j. De schepper als kapitalist, het monster als proletariaat

In marxistische lezingen van de 20e eeuw:

Scheppen = symbool voor:

  • de bourgeois-wetenschapper/kapitalist die een kracht schept (arbeidersklasse, techniek) voor eigen gewin;
  • het moment waarop die kracht zichzelf bewust wordt, rechten opeist, en zich tegen de schepper keert.

Het monster is dan:

  • het uitgebuite product van het systeem;
  • de wraak van de onderdrukten.

6. Posthumanisme, technologie en AI (late 20e eeuw)

k. Cyborg, robot, AI – de posthumane lezing

Vanaf de tweede helft van de 20e eeuw wordt Frankenstein steeds vaker gelezen als:

Scheppen = symbool voor:

  • het creëren van kunstmatige intelligentie / cyborgs;
  • de overgang naar een posthumaan tijdperk waarin mens en techniek vermengen;
  • de ethische vraag: Wanneer wordt een door ons gemaakt wezen een moreel subject met rechten?

Victor’s daad belichaamt:

  • de droom én nachtmerrie van technologische autonomie;
  • de angst dat onze creaties (machines, algoritmen, AI) ons zullen overvleugelen of vernietigen.

7. Lichaam, fragmentatie en identiteit (disability & body politics)

l. Samengesteld lichaam als symbool

Omdat het monster uit verschillende lichaamsdelen is samengesteld, lezen 20e-eeuwse critici ook:

Scheppen = symbool voor:

  • het manipuleren van het menselijk lichaam als object (medische experimenten, protheses, organen, transplantaties);
  • de vraag: wat is een “normaal” lichaam? – alles wat afwijkt wordt als “monsterlijk” bestempeld;
  • vroege vorm van denken over disability, lichaamsintegriteit en biopolitiek.

Samenvatting

In één oogopslag: de symboliek van het scheppen van het monster:

  • 19e eeuw
    • Godslastering & hybris (playing God)
    • Angst voor nieuwe wetenschap (galvanisme, anatomie)
    • Industrialiserende krachten & ontmenselijking
  • Late 19e eeuw
    • Degeneratie, rassenleer, “ontaard lichaam”
    • De Ander / koloniaal “monster”
  • 20e eeuw
    • Psychoanalyse: het verdrongene dat vorm krijgt
    • Ouderschap: mislukte geboorte, afwijzend ouderschap
    • Feministisch: mannelijke toe-eigening van voortplanting
    • Queer: mannelijk-mannelijke voortplanting, queer outsider
    • Marxistisch: schepper als kapitalist, monster als proletariaat
    • Posthumanistisch/tech: voorloper van robot/AI-ethiek
    • Body/Disability: samengesteld, afwijkend lichaam, normcritiek

Add comment

🦷🦷🦷🦷🦷 ? Voor een overweldigende en duurzame ervaring zeker raadplegen… want dit zijn kunstwerkjes waar de tand des tijds geen vat op heeft

Blader door alle onderwerpen

Snel bladeren