De Haarlemmerbuurt behoort tot een van de oudste wijken van Amsterdam. Het gebied, dat in 1614 binnen de stad is komen te liggen, kenmerkt zich door een grote verscheidenheid aan historische panden die verschillende bouwperioden weerspiegelen. De Amsterdamse Maatschappij tot Stadsherstel N.V. heeft in de loop der jaren een groot aantal panden in deze buurt gerestaureerd en teruggebracht in hun historische staat.
Haarlemmerstraat 1 en 3 vormen een fraai voorbeeld van zeventiende-eeuwse bebouwing uit 1685. Net als vele andere panden in de buurt hebben zij in de loop der eeuwen diverse wijzigingen ondergaan, maar zijn dankzij zorgvuldige restauratie in hun karakteristieke verschijningsvorm bewaard gebleven. De nauwe samenwerking tussen Stadsherstel, de gemeente Amsterdam en particuliere eigenaren heeft geleid tot een aanpak waarbij niet alleen individuele panden maar ook het straatbeeld als geheel wordt hersteld.
De inzet van Stadsherstel in de Haarlemmerbuurt past in de bredere filosofie van de organisatie: historisch waardevolle panden behouden door ze een nieuwe, levensvatbare functie te geven. Zo worden voormalige pakhuizen omgebouwd tot woningen, en krijgen verwaarloosde woonhuizen een nieuwe bestemming terwijl hun historisch karakter intact blijft. De Haarlemmerbuurt is daarmee een levend voorbeeld van hoe restauratie en herbestemming hand in hand kunnen gaan met het bewaren van het stedelijk erfgoed.
De volgende panden maken eveneens deel uit van de restauratieprojecten van de Amsterdamse Maatschappij tot Stadsherstel N.V. in de binnenstad van Amsterdam.
Binnen Vissersstraat 9-19

Tweede helft 18de eeuw
In 1990 kocht Stadsherstel Binnen Vissersstraat 9, een zeer vervallen pand. In overleg met Bureau Monumentenzorg Amsterdam werd het pand, inclusief de halsgevel met natuurstenen vleugelstukken, gedemonteerd en opgeslagen. In 1996 vormt zij een onderdeel van een totaal herstelplan voor de panden Binnen Vissersstraat 9-19.
Rechts van nummer 9 liep vroeger de Wijde Gang, een steeg die toegang verschafte tot een klein binnenplaatsje waar drie achterhuizen aan grensden die echter niet in verbinding stonden met de huizen aan de straatkant. Dit gedeelte van Amsterdam is ontstaan na de stadsuitleg van 1585. Op een kaart van Pieter Bast uit 1597 is reeds te zien dat er op het binnenterrein huizen staan. De oorspronkelijke verkavelingsstructuur is nog steeds aanwezig en wordt ook tijdens de herbouw gehandhaafd.
De panden Binnen Vissersstraat 11-13 behoorden tot de 18de-eeuwse bebouwing. Het gebouw had twee verdiepingen en werd gedekt met een dwarskap, te vergelijken met de wevershuisjes in het ‘Noortse Bos’ (het gebied rond de Noorderstraat en de Weteringdwarsstraten). De ramen hadden een intacte roedeverdeling (zes- en twaalfruitsvensters), mogelijk daterend uit de late 18de eeuw. Binnen Vissersstraat 15 had een tuitgevel met enkele laat 16de-eeuwse bolkozijnen. In 1996 zullen de panden aan de straatkant, de Wijde Gang en het unieke binnenplaatsje met de drie ‘achterhuizen’ weer herbouwd worden.
Brouwersgracht 86
1650
In 1957 werd dit beeldbepalende hoekpand door Stadsherstel aangekocht. Het pand met een 19de-eeuwse tuitgevel was het eerste pand dat Stadsherstel in haar geschiedenis verwierf. De woonhuizen op de hoek van de Binnen Brouwersstraat en de Brouwersgracht werden rond 1618 gebouwd door scheepsbouwer Heere Gerritsz Posch. Het hoekpand is waarschijnlijk rond 1650 gebouwd.
In het 18de-eeuwse grachtenboek van Casper Philips is een pilastergevel te zien. Het pand heeft boven het pothuis een in Amsterdam nog weinig voorkomende houten buitentrap naar de bel-etage. Tijdens het herstel van het pand in 1960 is de tuitgevel vervangen door een nieuwe halsgevel met hoge vleugelstukken, afkomstig van de werf van Monumentenzorg.
Binnen Brouwersstraat 2
Eerste helft 19de eeuw
In 1990 kocht Stadsherstel dit pand aan de Binnen Brouwersstraat. Enige jaren daarvoor werd de bovenste verdieping volledig door brand verwoest. In samenwerking met de Stichting Jan Pieterszoon Huis werd het pand in 1993 geschikt gemaakt voor de huisvesting van muziekstudenten. Wanden, gevels en vloeren werden voorzien van geluidsisolatie; bouwmuren werden opnieuw opgetrokken, evenals voor- en achtergevel. Ter verfraaiing van de voorgevel werd een nieuwe kroonlijst aangebracht.
Korte Prinsengracht 5
1620
De Korte Prinsengracht is aangelegd tijdens de stadsuitleg van 1614. De gracht vormde een vaarweg tussen de Prinsengracht en het IJ. In 1959 kwam Korte Prinsengracht 5 in handen van Stadsherstel. Eind jaren ’50 stond alleen het onderstuk met de 19de-eeuwse onderpui nog overeind. Het pand met de trapgevel en de speklagen uit 1652 werd samen met nummers 7 en 9 hersteld in 1964. In het fries bevinden zich twee gebeeldhouwde hoekstenen en een steen, waarop ‘D’ouden Amsterdammer’ met kniebroek en kastoren hoed (een 17de-eeuws hoofddeksel van bevervilt) is afgebeeld.
Korte Prinsengracht 6
Circa 1800
Dit in 1971 aangekochte pand met een 18de-eeuwse (verminkte) ingezwenkte halsgevel wacht nog steeds op restauratie.
Prinsengracht 1a, 3 en 5
Eerste helft 18de eeuw
Stadsherstel heeft in haar geschiedenis heel wat geveltoppen herplaatst. Het betrof hier dan authentieke bouwfragmenten van panden die niet meer van de ondergang gered konden worden, veelal opgeslagen op de voormalige werf van Bureau Monumentenzorg aan de Wenckebachweg. Zij kregen weer een plaatsje op een door Stadsherstel aangekocht pand, waarvan de top was verdwenen.
Ook het pand Prinsengracht 1, in 1971 aangekocht en in 1986 gerestaureerd, kreeg zandstenen klamstukken en een fronton, die oorspronkelijk op een ander pand hadden gezeten. De top is afkomstig van het tweellingpand Lange Leidsedwarsstraat 109 dat moest wijken voor nieuwbouw. Ook de belendende panden 3 en 5 zijn hersteld met verscheidene elementen die van elders afkomstig zijn. Zo hebben de drie panden elk een gevelsteen die afkomstig is uit een bredere gevelsteen die in de achtergevel van Prinsengracht 3 was opgenomen. Het betrof hier een trits boven een puibalk. Om te benadrukken dat de drie panden in één restauratie zijn opgeknapt zijn zij verdeeld over de panden. Zij tonen van links naar rechts: de apostel Petrus, de Emmaüsgangers en de apostel Paulus.
Keizersgracht 62-64
1737
In 1962 kocht Stadsherstel van de R.K. Boekcentrale twee zeer vervallen panden aan de Keizersgracht. Vooral nummer 64 verkeerde bouwkundig in slechte staat. Door het gewicht van de duizenden boeken die de Boekcentrale in het gebouw had opgeslagen was het pand dusdanig verzakt dat de twee bovenste verdiepingen, inclusief de halsgevel met de gebeeldhouwde putti op de hoeken, op last van Bouwtoezicht moesten worden afgebroken. Ruim tien jaar lang stond het eens zo statige grachtenpand, dat na een verbouwing in 1737 van de eigenaardige hoge gevel was voorzien, zonder top aan de gracht.
Aan het begin van de jaren ’70 besloot Stadsherstel beide panden te restaureren. Keizersgracht 64 kreeg daarbij zijn oorspronkelijke hoogte en topgevel weer terug. Via de ingang van Keizersgracht 62, een pilastergevel met hoekvazen, die samen met nummer 64 in 1973 werd opgeleverd, kan men de binnentuin betreden. Hier staat een tuinhuis dat door Bureau Monumentenzorg in brokstukken gevonden werd in een tuin aan de Herengracht. Stadsherstel voegde tijdens de restauratie de bouwfragmenten van dit unieke tuinhuis samen. Zo werd dit oude tuinhuis op het achterterrein van Keizersgracht 62-64 weer opgebouwd, alleen wel op een nieuwe locatie.
Herenstraat 36
Eind 19de eeuw
Als er één straat in Amsterdam is waar Stadsherstel in haar 40-jarig bestaan haar doelstelling — op te treden in het bijzonder daar waar woonruimte verloren dreigt te gaan in panden die voor het straatbeeld karakteristiek zijn — heeft verwezelijkt, dan is het wel de Herenstraat. In dit smalle straatje, dat de Herengracht met de Keizersgracht verbindt en een toegangsweg vormt tot de Jordaan, kocht en restaureerde Stadsherstel in de jaren ’60 en ’70 verschillende karakteristieke panden op het straatbeeld.
Het was een zeer vervallen straat met veel verwaarloosde panden. Stadsherstel maakte een begin met een restauratie van de panden. In 1963 werd Herenstraat 37 aangekocht. Begin gemaakt met het herstel van het straatbeeld. In de loop der jaren werden de beeldbepalende panden op het straatbeeld aangepakt. In 1991 werd vooralsnog het boek met de Keizersgracht gesloten: Herenstraat 34 werd gerestaureerd.
Stadsherstel had nog één pandje uit het aangekochte bezit op de Herenstraat. Het verkeerde in zeer slechte staat en met haar stutten detoneerde deze bouwval de buurt. Het werd echter door de gemeente niet als beeldbepalend aangewezen en het pand komt niet voor op de monumentenlijsten. Subsidies waren er dus nauwelijks te verkrijgen. Ter ere van het jubileum van Stadsherstel in 1996 is een actie gehouden om de financiering van dit pandje rond te krijgen.
Het pand heeft een gevel van rode baksteen en beschikt over een houten winkelpui. Bovendien bleek na archiefonderzoek dat de oorspronkelijke gevel van nummer 36 beschikte over een neoclassicistische gevelomlijsting. Deze omlijsting wordt teruggebracht. Het herstel van Herenstraat 36 vormt vooralsnog het sluitstuk in een reeks van restauraties van Stadsherstel in de Herenstraat.
Literatuur: Amsterdamse Maatschappij tot Stadsherstel N.V., JAARVERSLAGEN 1958-1995.






