Aan het begin van de Oudezijds Voorburgwal staan veel grachtenpanden die in de loop der eeuwen zijn voorzien van een andere voorgevel. Uiteraard doen deze ‘aanpassingen’ niets af aan de schoonheid van het oudste gedeelte van de Amsterdamse binnenstad maar het is toch belangrijk om te weten dat de schone schijn hier soms bedriegt. Op de hoek met de Oudezijds Armsteeg staat bijvoorbeeld een karakteristiek Amsterdams woonhuis dat gezien haar geveluiterlijk uit de vroege 17de eeuw lijkt te stammen. Met zijn trapgevel, kruiskozijnen en geblokte vensterbogen is het woonhuis kenmerkend voor de bouwstijl van deze periode. Ook het interieur, een houtskelet met zwanenhalskorbelen, wijst in deze richting.
Een foto uit 1940 van Oudezijds Voorburgwal 14 toont echter niet dezelfde voorgevel. Op de hoek staat een tuitgevel, zonder geblokte vensterbogen met schuifvensters in een 18de-eeuwse roedenverdeling. Enkel het fries met de leeuwenkoppen en de gevelsteen in het midden lijken nog te herinneren aan de 17de-eeuwse toestand.
Het sterk verwaarloosde pand werd in 1929 gekocht door de Vereniging Hendrick de Keyser, de in 1918 opgerichte vereniging die als doel heeft oude huizen die architectonisch of historisch waardevol zijn te behouden. De restauratie-architect J. de Meijer stelde een restauratieplan op in de jaren ’30. Zijn plannen om het pand weer volledig naar de toestand van omstreeks 1604 terug te brengen door onder andere weer kruiskozijnen te plaatsen werd aanvankelijk door de Vereniging zeer terughoudend ontvangen. In 1940 kon De Meijer desondanks met de restauratie beginnen. Op basis van bouwsporen – op zolder werden nog enkele dekstenen van de oorspronkelijke trapgevel gevonden – werd het pand in oude luister hersteld. De door waterlijsten horizontaal verdeelde trapgevel werd opnieuw opgetrokken en het grotendeels verdwenen houtskelet op de begane grond werd vervangen door nieuwe muurstijlen en zwanenhalskorbelen. In de zijkamer op de begane grond werd een 17de-eeuwse schouw geplaatst (met trigliefen en festoenen in de omlijsting), die oorspronkelijk in de voorkamer op de eerste verdieping gestaan heeft. Deze eerste verdieping heeft overigens nog een balklaag met oorspronkelijke korbelen met een kroonlijstprofiel uit 1597.
Oudezijds Voorburgwal 14 werd vermoedelijk aan het eind van de 16de eeuw gebouwd. De gevelsteen met het wapen van Riga – een burcht met een brullende leeuw in de poortopening en daarboven twee gekruiste sleutels en een kruis – refereert vermoedelijk aan de man van de eigenares, de weduwe Hendrickje Hendricksdr die het pand aankocht in 1597. De onbekende Amsterdamse koopman deed waarschijnlijk zaken met de stad Riga. Waarschijnlijk liet Hendrickje het oude huis in 1604 verbouwen tot het huidige pand. De dochter van Hendrickje huwde namelijk in 1604 een koopman ook uit Riga, Wessel Becker. In de historische bronnen wordt het pand aangeduid met wisselende namen zoals ‘De burcht van Leiden’ en ‘de Leuwenburgh’.
In de tweede helft van de 19de eeuw was op de benedenverdieping een tapperij gevestigd. Toen de Vereniging het pand in 1929 aankocht was een gedeelte van de inventaris van deze gelegenheid, zoals dranktonnen, tinnen maten en glaswerk, nog aanwezig. Sinds 1951 is op de begane grond en de eerste etage van het pand het ‘Goodwill Centrum’ van het Leger des Heils gevestigd.
Literatuur: R. Meischke, H.J. Zantkuyl e.a., HUIZEN IN NEDERLAND (AMSTERDAM), Zwolle 1995, blz. 167–170.






