
Singel 83-85 · Omstreeks 1600 en 1652
Te bezichtigen: interieur
Het statige hoekpand Singel 83-85 is feitelijk in twee fasen tot stand gekomen. Het dubbelpand dat eind 16de eeuw op deze plek werd gebouwd, stond aanvankelijk nog langs de oude stadsmuur. Langs het Singel was de oude stadsmuur aanwezig. In 1601 werd een begin gemaakt met de sloop van deze muur die de stad omsloot. In 1651 – de stad was inmiddels uitgebreid met het eerste stuk grachtengordel – kocht Nicolaas Swaen het pand en liet het grondig verbouwen. De kap en de gevels werden, afgezien van de eikenhouten pui aan de Lijnbaanssteeg, gesloopt en het hoekhuis werd voorzien van de huidige gevels en drie bouwlagen.
Zowel aan de zijde van de Lijnbaanssteeg als aan de zijde van het Singel kreeg het pand een strakke, classicistische gevel. Aan de kant van de Lijnbaanssteeg, momenteel een tuitgevel, bevond zich vermoedelijk een pilastergevel, bekroond met een timpaan. De ‘kolossale’ pilasters lopen over de gehele hoogte van de gevel en zijn voorzien van bijzondere Ionische kapitelen. De voluten van de kapitelen onder de gootlijst liggen namelijk niet plat tegen de gevel maar steken schuin naar voren. Men noemt dit ook wel een Van Campenkapiteel, naar de bouwmeester van het Paleis op de Dam. De linker pilasters aan de zijde van het Singel rusten op een lager gelegen puilijst die vermoedelijk later is ingebracht. Tussen de vensters bevinden zich jaartalstenen en festoenen. Aan de zijde van de Lijnbaanssteeg bevindt zich een gevelsteen met een zwaan, verwijzend naar de eerste eigenaar.
Het interieur van het dubbelpand Singel 83-85 is in de loop van de 18de en 19de eeuw veranderd. De houten voorste deel en zijkanten van de balklaag met sleutelstukken zijn vanuit de benedenverdieping nog steeds in authentieke staat te bewonderen. In de verschillende balkconstructies van de vloer is een bouwgeschiedenis af te lezen van ruim 400 jaar. Er is bijvoorbeeld te zien dat de vide in de ruimte uiteindelijk tot aan de steegzijde is dichtgezet tot een volledige verdieping. Deze verbouwing vond plaats in de 18de eeuw.
Via de spiltrap in de hoek – de betegelde wand stamt hier nog uit de 17de eeuw – is de insteek te bereiken. Tegen de gevel links op de insteek bevindt zich een unieke hangschouw, met een gebogen en geprofileerde schouwbalk die tijdens de verbouwing in de 18de eeuw werd ingebouwd. In de zoldering boven de insteek in de hoek is nog de plaats te zien waar vroeger een hijsvak heeft gezeten. Het huis beschikte namelijk tot de 18de eeuw over een inpandige hijsinstallatie. Dwars door de zoldering van de eerste en tweede verdieping heen werden toen de goederen naar de pakzolders getakeld. Over het algemeen was in een Amsterdams grachtenhuis de hijsbalk buiten de gevel geplaatst. Vermoedelijk omdat de steeg te smal was of misschien wel vanwege het feit dat een hijsbalk de classicistische compositie van de voorgevel verstoorde, koos men in het pand Singel 83-85 voor een dergelijke bijzondere oplossing. Tijdens de verbouwing in de 18de eeuw werd het hijsrad gesloopt en de hijsvakken in de vloeren dichtgemaakt. De dakkapellen aan de Singelzijde werden van hijsbalken voorzien.
Omdat er niet meer door de vloeren werd gehesen legde men op de eerste verdieping, die ook weer via een spiltrap te bereiken is, een vloer bestaande uit witte en zwarte marmeren tegels. Tijdens een grootscheepse restauratie van het pand in 1940-1941 door ir. A. Boeken werd de kamer op de eerste verdieping weer gedeeltelijk als oud-Hollandse ‘Sael’ ingericht. De bedstede met een authentieke bordenrand is oorspronkelijk. De schouw, die in 1941 werd gebouwd, heeft 17de-eeuwse elementen die van elders uit het huis afkomstig zijn, zoals de eikenhouten schouwlijst met bordensleuf. Boeken vond tijdens zijn herstelwerkzaamheden in deze kamer achter de betimmering van de kruisvensters in de onderste vlakken glas-in-lood. Alleen de bovenlich ten waren reeds aan het begin van de 20ste eeuw vernieuwd. Het totale restauratieplan werd maar gedeeltelijk uitgevoerd. Sinds het begin van de 20ste eeuw deed het pand dienst als hotel. Momenteel wordt het pand onder leiding van de huidige eigenaar wederom gerestaureerd en ingericht als hotel.
Literatuur: H.J. Zantkuijl, BOUWEN IN AMSTERDAM, Amsterdam 1993, blz. 346.






